Mijn Modelspoorbaan: Lenz Digital plus

Schakelmodules voor wissels en seinen

Schakelmodules worden gebruikt om wissels, motoren en bijvoorbeld seinlampen op de modelbaan te besturen.
 
Schakelmodules van Lenz
Lenz levert 2 types: LS100 en LS150. Module LS110 wordt niet meer geleverd (was gelijk aan LS100 echter miste de RS-bus aansluitingen).
De LS100 heeft 4 uitgangen en de LS150 heeft 6 uitgangen. Ze kunnen dus bijvoorbeeld worden gebruikt om 4 tot 6 wissels te besturen. Lenz module LS100 heeft in tegenstelling tot LS150 een aansluiting van de Lenz-RS-terugmeldbus en kan de actuele stand van de uitgangen (dus bijvoorbeeld de actuele stand van wissels) terugmelden aan de Lenz-centrale. Wissels kunnen zo tijdens digitaal bedrijf ook met de hand omgezet worden (wanneer het gebruikte computer-programma dat tenminste ondersteunt !). De terugmeldingen functioneren overigens alleen wanneer de spoelen van de gebruikte wissels een eind-afschakeling hebben.
De eigenschappen van de uitgangen van Lenz LS100 en LS150 kunnen ruim geprogrammeerd worden. Dit zijn de mogelijkheden (per uitgang afzonderlijk programmeerbaar):
- Impulsuitgang (bijv. voor wissel-aansturing): van 0,1 t/m 15 seconden in 16 stappen
- Continu aan/uit (bijv. voor seinlampen)
- Intermitterend (bijv. voor overweg-lampen): van 0,5 Hz t/m 4 Hz in 15 stappen
De eigenschappen van de uitgangen kunnen overigens alleen worden geprogrammeerd via de programmeer-aansluiting van de Lenz-centrale. Het programmeren van het adres kan zowel via de programmeer-aansluiting als in ingebouwde toestand via de baanspanning (middels een pushbutton op de module).
 
 
Ik gebruik Lenz modules LS100 (foto boven), LS150 (foto onder) en LS110. De LS110 lijkt veel op LS100, maar heeft geen terugmeldingen, dus de klemmen RS en RM zijn niet aanwezig.

 
 
 

Schakelmodules van Littfinski Daten Technik
Verder gebruik ik ook enkele schakelmodules van Littfinski Daten Technik (type S-DEC-4-DC, worden o.a. geleverd door Conrad Electronica) om wissels te schakelen. Die hebben het voordeel dat op 3 van de 4 uitgangen 2 wisselspoelen aangesloten kunnen worden en ze zijn aanzienlijk goedkoper dan Lenz schakelmodules. 
Ze beschikken echter niet over een aansluiting van de RS-terugmeldbus (dus terugmelding van wisselstanden is niet mogelijk) en de functie van de uitgangen kan niet geprogrammeerd worden. Die staat vast ingesteld als impulsuitgang (100 ms puls). Dit type schakelmodule is dus alleen geschikt om wissels en andere artikelen met elektromagnetische spoel-aandrijving te schakelen.
Ik gebruik voor mijn lichtseinen een ander type schakelmodule van Littfinski Daten Technik (type SA-DEC-4-DC, worden eveneens geleverd door Conrad Electronica). Deze schakelmodules zijn uitgerust met 4 bistabiele relais en houden dus beide schakelstanden vast ook wanneer de voeding wegvalt. De relais zijn uitgerust met een dubbelpolig wisselcontact, maar op de print zijn beide wisselcontacten onderling doorverbonden, dus standaard is slechts 1 wisselcontact beschikbaar en naar aansluitklemmen uitgevoerd. Wanneer een dubbelpolig wisselcontact wordt gewenst, dan kunnen de printsporen eenvoudig met een scherp mesje doorgekrast worden (de bedrading moet wel direct op de print worden gesoldeerd).
 
 
Wisselschakelmodule van Littfinski. Hier getoond met kap op de print, maar ik koop altijd bouwpakketten zonder kap.

 
 

Schakelen van wissels
Let erop dat wissels niet altijd correct worden omgezet vanwege de eindafschakeling, dat is de de schakelaar in de wisselaandrijving: die maakt af en toe geen verbinding met de wisselspoelen, dus schakelt niet goed ! Dat kan bijvoorbeeld gebeuren wanneer er sprake is van een mechanische belemmering (ik heb nogal eens last van deeltjes strooimateriaal in de wisselaandrijving). Het komt ook voor wanneer 2 wissels op 1 module-uitgang worden aangesloten. Door verschillen in de impedantie van wisselspoel en wisselbedrading wordt de schakelstroom mogelijk niet evenredig verdeeld over beide wisselspoelen met als gevolg dat één van de wisselspoelen niet volledig omschakelt en daardoor in een ongedefinieerde toestand terecht komt.
 
Bedrading en voeding van de schakelmodules
De voeding van de schakelmodules kan het beste betrokken worden uit een afzonderlijke transformator die niet voor andere doeleinden wordt gebruikt met een uitgangsspanning van 16 tot 18 V. Gebruik bij voorkeur niet de baanspanning (J en K) als voedingsbron. Die kan beter benut worden om extra treinen te laten rijden.
De wisselspanning wordt aangesloten op de klemmen met het wisselspanningssymbool (~).
Bij een Lenz schakelmodule type LS100 moet ook de terugmeldingsbus RS aangesloten worden. Lenz raadt aan om hiervoor een 2-aderige getwiste kabel te gebruiken.
Zo'n getwiste kabel kan eenvoudig zelf gemaakt worden door 2 schakeldraden in elkaar te vlechten met behulp van een mini-boormachine. Verbind de kabel aan beiden einden op dezelfde aansluiting: dus R aan R en S aan S. Kies voor de RS-kabel 2 kleuren, die alleen hiervoor gebruikt worden, dat vergemakkelijkt het bedraden.
De 3 draden van elke wissel worden aangesloten op de klemmenblokken gemarkeerd "Ausgang 1, 2, 3, 4" van de schakeldecoder. De 3 draden kunnen het beste getwist worden (in elkaar draaien). Ook hier geldt: gebruik zo kort mogelijke draden. 
Aansluitschema voor Lenz schakelmodules: De gemeenschappelijke aansluiting van de wissel wordt aangesloten op klem C. De wisselaansluiting voor de afgebogen stand op klem +. De wisselaansluiting voor de doorgaande stand op klem -. 
Bij een Lenz schakelmodule type LS-100 wordt een extra doorverbinding (draadbrugje) gemaakt van klem + naar de naastliggende klem RM alsmede van klem - naar de naastliggende klem RM. Dit is nodig voor terugmelding van de wisselstand. 
 
Programmeren van schakelmodules
Zie hiervoor de Lenz handleiding. Hierin staat uitvoerig beschreven op welke wijze een schakelmodule geprogrammeerd moet worden. 
Dat kan door zowel de voeding als de JK-aansluiting op de schakelmodule tijdelijk aan te sluiten op de programmeer-uitgang van de Lenz-centrale (zowel het adres van de module als alle eigenschappen van de uitgangen kunnen zo geprogrammeerd worden) of in bedrijf (wanneer de schakelmodule al onder de baan is gebouwd) m.b.v. de programmeerschakelaar op de module (de voeding moet tijdelijk worden aangesloten op Baanspanning-JK). In dit geval kan overigens alleen het adres van de module worden ingesteld.
Ik programmeer alleen het adres. De functie-instelling van de 4 aansluitingen laat ik in de fabrieksmatig geprogrammeerde stand staan (impulsuitgang, 100 ms). Wissels kunnen in deze stand probleemloos worden geschakeld.
Tip: wanneer de schakelmodule geprogrammeerd wordt via de programmeer-rails, denk er dan altijd aan dat een belasting (wisselspoel of een gloeilampje) op 1 uitgang moet worden aangesloten, anders lukt het programmeren niet.
Schakelmodules van Littfinski Daten Technik kunnen alleen geprogrammeerd worden wanneer de Baanspanning JK is aangesloten op zowel de JK-aansluiting als de voedingsaansluiting van de schakelmodule m.b.v. een op de module aanwezige programmeertoets. In deze modules kan overigens alleen het adres geprogrammeerd worden.


Website gertvanvoorst.nl - © Gert van Voorst - Gewijzigd op 28-6-2012.